Hij staat met zijn hand hoog langs de kant van de weg. In de brandende zon, een donkere, oudere man met grijze (kroes)baard. Hij zoekt een lift. De weg is kilometerslang en geen ander verkeer in zicht. Het is in het noorden van Zuid-Afrika, een zeer dunbevolkt gebied. De man staat er zo te zien al even. Met een klein koffertje met wat schamele bezittingen is hij waarschijnlijk op weg naar familie om een lang weekend samen door te brengen.


Ik ben op weg van de stad terug naar onze lodge. De gigantisch grote wagen helemaal volgeladen met allerhande luxe eten & drinken, een mega lading vlees en nog veel meer. Maar ook heb ik een dikke portemonnee bij me met veel contant geld om onze medewerkers morgen hun salaris te kunnen betalen, een dure mobiele telefoon, een mooie auto. Op zich is er best nog wel ruimte in de wagen om iemand mee te nemen. Maar er schieten wel allerlei overwegingen door mijn hoofd. Is het wel veilig, ik ben een vrouw, ik ben alleen, wat als hij kwaad wil? Ik zie mezelf al ergens in de sloot liggen of erger en onze gasten op een houtje bijtend in de lodge.


Met 120 km per uur sjees ik de oude man voorbij. Terwijl het stof daalt, zakt zijn arm en gaat hij weer in de schaduw van een boom zitten. Het kon nog wel eens een hele lange dag voor hem worden. Dan trap ik fors op de rem. Niet té erg natuurlijk want ik heb vijf dozijn eieren bij me, maar wel genoeg om snel achteruit te kunnen. De man staat breed lachend op en komt vrolijk naar de auto. Het koffertje gaat heel voorzichtig achterin tussen alle spullen en de man laat zich met een diepe zucht naast me op de passagiersstoel zakken.


We zeggen weinig maar ik begrijp dat hij inderdaad op weg is naar zijn gezin. Hij stond 'pas' een paar uurtjes te liften maar hij begrijpt het best als mensen hem voorbij rijden. Ook voor mij had hij alle begrip. De slimme ziel. Iedereen heeft precies door hoe het zit. De foute mensen verpesten het zoals altijd voor de goede. Daardoor raakt iedereen bang. Bang om iemand een lift te geven, bang om een ander te helpen. Je zult de verkeerde maar treffen.


Als ik de man op een kruispunt afzet, pakt hij mijn hand en bij ons allebei schieten spontaan de tranen in de ogen. Wat een belachelijke, onbegrijpelijke, vreemde, mensonterende wereld toch eigenlijk. Allebei zijn we blij dat we elkaar vandaag zijn tegen gekomen. We wensen elkaar het allerbeste, in goede gezondheid en met lieve mensen om ons heen. Ik ben blij dat ik mijn gevoel gevolgd heb. En door een waas van tranen zie ik nog net in mijn achteruitkijkspiegel dat hij zijn arm weer opheft, op zoek naar een lift voor het laatste stuk naar zijn familie...


Natascha Snelder | ZaZoe Xperience | www.zazoetravel.com



Copyrights ZaZoe Xperience South Africa.